donderdag 15 januari 2009
maandag 15 december 2008
Negerinnentetten

Gevonden op Dichttalent.
Negerinnentetten
ze liggen in melk en puur
neven mekaar, achter glas
op een dun papierke
tussen eikels en kastanjes
het volk kijkt en peinst,
wijst mee open mond naar
het zoet, trekt een grimas
en stiefelt stillekes binnen
dag meneer, dag madam
wilt ge eens proeven misschien
’t is gezegd, ze zijn smakelijk
gevuld mee witte crème op
een koekske, hapt nen keer
ik denk aan die negerzoenen
en zwarte pieten, amai zeg
madam koopt er wel tien
als ge dat in Holland laat zien
staan de gazetten vol, vallen
velen in affronte, maar zouden
gère ‘n tetteke willen proeven
Rieg
vrijdag 5 december 2008
Akte van memorie
Akte van memorie
Zie ik geelrood, ben ik uitgelaten. Is
het rood aan blauw gepaard, haak ik naar
de don'kre dingen die er niet meer zijn.
Heenzijn is vaal, terugwerken is
opkleuren, tot er geelrood voor
mijn ogen staat.
Mijn binnenschaal loopt rond 't rode rond.
Het is nooit zo bleek bij mij van
binnen dat het niet naar buiten
mag. Rood moet stromen, mens'lijk toch?
De adel van wat verging of gleed, wat
bloedblauw onder dingen ligt, dat moet
er uit gelicht, op mijn buitenstoep
in kleurschalen in de zon gelaten en
zo beschenen dat de tijd wordt
weggegeeld en alles even hel
wordt als het weldra was.
Uit "Zwart uit Wondermond" (Atte Jongstra)
On the Road Home (Wallace Stevens)
On the Road Home
It was when I said,
"There is no such thing as the truth,"
That the grapes seemed fatter.
The fox ran out of his hole.
You. . . You said,
"There are many truths,
But they are not parts of a truth."
Then the tree, at night, began to change,
Smoking through green and smoking blue.
We were two figures in a wood.
We said we stood alone.
It was when I said,
"Words are not forms of a single word.
In the sum of the parts, there are only the parts. The world must be measured by eye";
It was when you said,
"The idols have seen lots of poverty,
Snakes and gold and lice,
But not the truth";
It was at that time, that the silence was largest And longest, the night was roundest,
The fragments of the autumn warmest,
Closest and strongest.
(Wallace Stevens)
Schizofrene poëzie voor gevorderden

Schaamteloos weggeplukt uit de verzencyclus Een warme holte van Walter Haesaert:
“Zij was de tederste van alle tederheden
zij was de letters van mijn woord, mijn ligplank,
mijn koel water. Zij was het glanzend hout
waarin de ringen van de jaren die wij samen waren.
Als gij haar ooit ontmoet, spreek haar dan aan,
maar haal voordien de naalden uit Uw stem.
Pijnig haar niet. Geloof in haar, maar plet
voordien de tuinslak twijfel in uw hand.
Want zij was goed, zij was geschenk van zomers,
Zeg haar dat ik haar zoek, dat ik aan elke hoek
weer navraag doe, als was zij laatste
woord van een zeer graag gelezen boek.”
(Walter Haesaert)
woensdag 3 december 2008
Mayhem - Anti
Thans is een eerste video verschenen in de vorm van "Anti":
maandag 1 december 2008
###The Meads of Asphodel###
I see newborn graves, dirt dimmed with steam
Open womb flesh, death and disease
and I think to myself, what a wonderful world.
I see ethnic cleansing, pain beyond belief
Whole nations murdered, sorrow and grief
and I think to myself, what a wonderful world.
The silhouettes of murder, so pretty in the sky
Where rapists stare in wonder, at children passing by
I see friends shaking hands, saying how do you do?
But they're really saying, hey fuck you!
I see men talking peace, words full of shit
Eyes welled with war, poison and deceit
and I think to myself, what a wonderful world.
Yeh, I think to myself, what a wonderful world. Oh yeh.
°°°Darkthrone°°°
Een prima voorbeeld van Darkthrone nieuwe stijl is dit geniale The Winds They Called The Dungeon Shaker:
In the depths of the underground
Through the nurseries of real metal sound
Governing the molten core
No more slavery anymore
THE WINDS! THEY CALLED - THE DUNGEON SHAKER
THE WINDS! THEY CALLED - THE DUNGEON SHAKER
We are older and wiser (and) the underground thrives
(but) posers are the same with their metal lies
In a seance of insanity with maniacal screams
Does your metal knows what metal really means?
THE WINDS! THEY CALLED - THE DUNGEON SHAKER
THE WINDS! THEY CALLED - THE DUNGEON SHAKER
To the Bone!!!
Sepultura, het weerzien
One Large please extra Buddingh'
Simplicity
Men aarzelt te zeggen de stoel
staat in de kamer de tafel
staat naast de stoel op de tafel
ligt vaders pijp moeder zit
in de stoel naast de kachel
en de kinderen spelen
in de tuin met de hond
toch als men daarvan uitging
was het geen slecht begin.
C. Buddingh'
De blauwbilgorgel
Ik ben de blauwbilgorgel,
Mijn vader was een porgel,
Mijn moeder was een porulan,
Daar komen vreemde kind’ren van.
Raban ! Raban ! Raban !
Ik ben een blauwbilgorgel
Ik lust alleen maar korgel,
Behalve als de nachtuil krijst,
Dan eet ik riep en rimmelrijst.
Rabijst ! Rabijst ! Rabijst !
Ik ben een blauwbilgorgel,
Als ik niet wok of worgel,
Dan lig ik languit in de zon
En knoester met mijn knezidon.
Rabon ! Rabon ! Rabon !
Ik ben een blauwbilgorgel
Eens sterf ik aan de schorgel,
En schrompel als een kriks ineen
En word een blauwe kiezelsteen.
Ga heen ! Ga heen ! Ga heen !
C. Buddingh'
Natuurkunde
‘o, denkt men er zo over !’
zei een jongetje
dat de wet van newton gelezen had
en hij steeg als een leeuwerik
in de dampende najaarshemel
en geen sterveling op aarde
heeft hem ooit meer teruggezien.
C. Buddingh'
De Bozbezbozzel
De bozbezbozzel lijkt wat op
Een jenk, maar heeft een klein're kop
Zijn poten staan reeds twee aan twee
Als eenmaal bij het stekelree.
Hij hinnikt als een maliepaard,
En als het sneeuwt heeft hij een staart.
Wanneer die staart zijn kop zou zijn,
Was hij precies een spieringzwijn.
En als hij zeven staarten had,
Een kolossale kolbakrat.
Nu lijkt hij nog het meeste op
Een jenk, maar met een klein’re kop
C. Buddingh'
Zeeklacht
Het water van de zee is altijd zout,
Hoe men de suikerpot ook mag hanteren,
Geagiteerd over het strand marcheren,
Terwijl de wind de brandingkoppen krauwt;
Een borstbeeld hakken uit scheepstimmerhout,
Des nachts, in droom, met meerminnen verkeren,
Tarbot fileren of Neptuin vereren:
Het water van de zee is altijd zout.
Daar helpt geen moederlief, geen vaderstout,
Geen bokken, dokken, knokken of gekscheren,
Geen brein van boterkoek, geen hart van goud:
Of men voor dames voelt of meer voor heren,
Het water van de zee blijft altijd zout.
C. Buddingh'
Etmaal
Het licht is oud en moe,
En geeft haar scepter over aan de nacht.
Een kind slaapt voor het raam van zijn verlangen,
Zijn hoofd rust op de varens van zijn droom,
De deken van de duisternis omhult hem.
Maar alles draait. De nacht doet afstand van
Haar grijze troon bestikt met blauwe sterren.
De bakfiets van de zon rijdt door de stad.
Het kind wordt wakker waar het wonder uitblijft,
En alles is weer als het morgen zijn zal.
C. Buddingh'
Nu ik het toch over de dood heb: wat ik graag op mijn grafsteen gebeiteld zou zien:
Van Schagens woorden:
'Ge moet maar een beetje lachen. Het is niets.'
C. Buddingh', En in een mum is het avond, blz. 86, 22-10-1972
